Kala Nera - Volos - rondje Pilion. 17 - 21 juni

Gepost door: Corry Gepost op: 21 juni 2006 | 0 Reacties

Tags: , ,

Zaterdagochtend gaan we shoppen in Volos. Volos is een typisch Griekse stad, met tal van winkels en aan de kade allerlei trendy terrassen. De stad heeft geen bezienswaardigheden, wel veel gezelligheid. En je kunt vanuit Volos prima naar de Sporaden varen, zoals Skiathos, Skopelos en Alonnisos. Net als veel Grieken ontbijten we met koffie en een sesamstengel op het terras en gaan daarna winkelen. Eenmaal terug in Kala Nera blijkt dat zaterdag en zondag een typische weekendbestemming te zijn voor Grieken uit het binnenland (weekendje kust) en uit Volos (dagje strand). Eind van de middag komt het op gang en ’s avonds is het een gekakel van jewelste op alle terrassen. We zijn van plan om ’s avonds dan ook eens flink te gaan stappen in Kala Nera. Maar dat valt tegen!

 

Ik weet niet waar iedereen blijft als ze gegeten hebben (na elf-twaalf uur), maar in elk geval niet in Kala Nera op een terras. Er zitten maar sporadisch mensen en van stappen komt dus niet veel terecht… Hadden we toch naar Volos gemoeten. Zondag gaan we al vroeg naar het strand. Vanaf een uur of tien begint het vol te stromen om in de loop van de middag een topdrukte te hebben. De strandbedden en parasols zijn niet aan te slépen! Het wordt weer tamelijk warm. Heerlijk om te zwemmen, en tussen de middag te eten op een koel terras aan het water. ’s Avonds gaan we in Afissos kijken, een plaatsje hier een paar kilometer verderop. Het ligt ook aan zee, is tegen de helling opgebouwd, heeft een kleinere boulevard met minder terrassen en is daardoor wat knusser dan Kala Nera. Toch moet ik zeggen, dat ik de baai van Kala Nera veel mooier vind en dus ook het strand.

Maandagochtend staan we vroeg op om te gaan wandelen. Kala Nera is vertrekpunt voor vier wandelingen via kalderina’s (ezel/voetpaden) door de bergen. We gaan naar Milies, dat zo’n 300 meter hoger ligt dan Kala Nera. Het is een wandeling van bijna twee uur door een prachtig groen en afwisselend landschap met allerlei vergezichten. Schitterend. Het pad is prima, als je goede schoenen aanhebt. In het weekend kun je dan bijvoorbeeld met een oud dieseltreintje terug naar beneden naar Lechoria en dan te voet naar Kala Nera of met de bus. Het treinritje heb ik vijf jaar geleden gedaan en was superleuk. Maar goed, het is nu maandag, en vanwege de hitte (35 graden weer…) gaan we niet te voet terug maar met de bus. Daarna is het heerlijk om bij deze temperatuur in zee te duiken en tot een uur of zeven op het strand te vertoeven. Alleen is het windstil, en zó warm! Als we om zes uur teruglopen over de boulevard blijkt er net een bus met oudere mensen gedropt te zijn. En een groot deel daarvan is nu aan het pootje baden… Heerlijk toch, zo met je voeten door koel water lopen? ’s Avonds steekt er om acht uur als vanuit het niets een waarzinnige storm op. Het is daarbij bloedheet en de lucht wordt geelachtig. Parasols klapperen, mensen rennen en overal klinkt lawaai. Het gaat onweren en regenen… Om half tien wordt het rustig en is het voorbij. Maar het is nog net zo warm..

Tochtje door de Pilion
Dinsdag gaan we ‘wandelen met de auto’ zoals ze dan hier noemen. Dankzij de airco een heerlijk alternatief voor wandelen. En het gaat een stuk sneller.. Volgens de overlevering zijn in de Pilion (in Afissos) de Argonauten als eerste aan land gegaan op zoek naar het Gulden Vlies. Het is een streek met een rijke, weelderige plantengroei die vooral in het voorjaar en begin van de zomer op z’n mooist is. Tijdens de Turkse overheersing had de Pilion allerlei privileges (geen idee waarom..) waardoor het een van de mooiste overblijfselen van de Hellenistische cultuur is gebleven. Veel panden zijn prachtig gerestaureerd en staan in een schitterend groene omgeving met hoge bomen, struiken, planten, bloemen en kruiden. De Pilion wordt overigens ook wel het ‘gebergte van de kruiden’ genoemd. We rijden een route via tal van (berg)dorpen: Kala Nera, Koropi, Milies, Xourihti, Tsangarada, Agios Dimitrios, Agios Ioannis, Anilio, Makrirahi, Zagora, Hania, Portaria, Makrinitsa, Ano Volos, om tot slot te eindigen in Volos. We gaan níet naar Mylopotamos, het meest gefotografeerde strand in de regio. Alhoewel mooi gelegen, is het klein en toeristisch, en we gaan toch nu niet zwemmen. Het is een hele toer om er te komen, dus de moeite nu niet waard.
De tocht is in één woord schitterend, overal groen en kleur van bomen, struiken en bloemen. Een overdaad die ik nog niet veel heb gezien in Griekenland. Aan de noordkant van de Pilion is het gebergte hoog tot aan de kust. Via smalle weggetjes kun je afdalen naar de kustplaatsjes en stranden. Maar wij houden een eerste stop in het bergdorp Tsangarada, bekend om diverse watervallen in de laaggelegen hoeken van de kloven. Maar ja het is al eind juni, dus de meeste staan droog. Tsangarada is een sereen dorp met een bebouwing hoofdzakelijk langs de slingerende weg gelegen. Het dorpsplein is prachtig beschaduwd door een superdikke plataan (door de locals de oudste van Griekenland genoemd: 1500 jaar oud). Helaas zijn alle cafés gesloten, dus even relaxen op dit mooie plein is er niet bij. Wat lager gelegen in het dorp treffen we een hotel/café met eveneens een beschaduwd terras, waar we een lekker ontbijtje nemen. Als we later de route vervolgen komen we, kort vóór de afslag naar Kissos, bij een nog wel stromende waterval. Prachtig, en duidelijk ook de waterval van de ansichtkaartjes die je overal ziet van Tsangarada! Ik koop er ook nog wat glyko en wat pruimen van een standje in de bocht. Slim plekje hoor, voor je ‘huisverkoop’.
De route is uiteraard voorzien van de nodige behendigheidsoefeningen in de vorm van ijselijke haarspeldbochten en diepe afgronden (zonder vangrail..). Ik probeer dan ook om toch ook nog wat op de weg te letten in plaats van de omgeving. Valt niet mee, het is zo geweldig mooi! Het valt ons op dat er diverse bewegwijzerde wandelroutes worden aangegeven. En dat terwijl ook de wandelkaarten van de Pilion echt top zijn (een groen kaart, van Anavasi, die in drie delen verkocht wordt). Ongekend voor Griekenland. Het is ook een feest om te wandelen. Wij maken nu geen echte wandeling, maar stappen vaak uit de auto om even rond te kijken. Het weelderige groen, de klamme koelte, de vele stromende beekjes en watervalletjes uit de bergen en de daarbij behorende vochtigheid en geuren, geven een tropisch regenwoudgevoel. Ook de bloemen en kruiden op de drogere hellingen ruiken fantastisch.
Rond een uur of twee houden we een pauze in Agios Ionannis, een kustplaatsje met een smal strand aan een kleine baai. Er zijn ongelooflijk veel hotels en diverse terrasjes. En het is helemaal niet druk. Komen die hotels ooit vol? En waar leven ze dan van hier? Wij drinken er een verse jus op een leuk terras en nemen na een uurtje nog een kijkje bij de naastgelegen camping. Alleen maar omdat je dan over een betonnen ‘brug’ rijdt door een beekje dat uit de bergen komt. Het water stroomt door drie ‘rioolbuizen’ onder de weg door. Ik herinner me dat ik de vorige keer nog door het water reed. Is dus nu wat opgehoogd, maar blijft grappig.

Appelhoofdstad van Griekenland
We vervolgen de weg noordwaarts, naar Zagora, wat de appelhoofdstad van Griekenland schijnt te zijn. En inderdaad, rondom het dorp appelbomen waar je maar kijkt. Het is siësta dus erg rustig overal. Het dorp ligt aan de slingerende weg en lijkt diep in slaap. We kijken even rond en gaan al snel weer op pad, naar Hania. Ook nu weer valt ons onderweg op dat overal kwekerijen zijn gevestigd (kleine) op plaatsen die je niet zo verwacht. Tegen een helling, tussen twee bergen in een hoek van de kloof, op een verlaten plek, enz. Maar eigenlijk zijn het heel logische plekken, want ze staan langs natuurlijke beken en stroompjes, zodat water aftappen heel eenvoudig is! Hania is een skicentrum en al vóór het dorp zien we de skihellingen en liftstations. Het is een klein gebied, maar natuurlijk erg leuk als je in de buurt woont en in de winter lekker kunt gaan skiën in de weekends! De volgende stop is in Makrinitsa, wat het balkon van de Pilion genoemd. Je kijkt vanaf het marktplein op Volos uit. Het plaatsje is heel toeristisch, maar vanwege het uitzicht tot leuk om even te bekijken.

Tot slot gaan we rond een uur of zes naar Volos, om te borrelen, mee te doen aan de avondwandeling (volta) en tot slot te eten. Het is heel erg leuk om daar aan de kade te flaneren en op een terras te zitten. En ook nu weer is het er zo druk dat je je afvraagt of er nog mensen in huizen zitten! Een hoop mensen lopen ook bellend te wandelen, waarschijnlijk omdat je toch iedereen hier ergens kunt treffen! Om half tien begint het weer ineens super te stormen. De meesten rennen naar binnen, ik hoor iemand heel pessimistisch ‘enas tyfonas’ zeggen (wat me persoonlijk wat overdreven lijkt…) en medewerkers proberen spullen en parasols te redden. Maar het is niet zo lang, en wordt al snel iets minder heftig, al gaat het wel onweren en wat spetteren. We eten op een redelijk beschut terras en gaan rond elf uur terug. Het is nu nog steeds 30 graden, volgens de thermometer in de auto! Eenmaal in Kala Nera blijkt het daar hevig geregend te hebben en is het nu 25 graden, wat toch aangenamer is!

De eerste foto is de boulevard van Volos, net voordat de zon ondergaat. De tweede foto is de groep die ging pootje baden in Kala Nera.


 

Deel dit artikel op:  

 

Plaats je reactie

Mollom CAPTCHA

Comments

No one has commented on this page yet.

RSS feed for comments on this page | RSS feed for all comments